Het ministerie van Infrastructuur en Milieu investeert de komende jaren op plaatsen waar de meeste mensen wonen en werken, dat zijn vooral de mainports, brainports en greenports en hun achterlandverbindingen. De ruimtelijke ordening wordt gedecentraliseerd, dichtbij degene gebracht die het aangaat, burgers en bedrijven. Dat zijn de uitgangspunten bij de begroting van het ministerie van Infrastructuur en Milieu voor 2012. Verkeersnet meldt er het volgende over:
Infrastructuur
Om de bereikbaarheid van de steden op peil te houden, steekt het kabinet geld en energie in de infrastructuur. In deze kabinetsperiode komen er 800 kilometers aan rijstrook bij. In 2012 wordt circa 190 km daarvan in gebruik genomen. Op de hoofdverbindingen buiten de Randstad waar structureel files staan, wordt twee-keer-drie rijstroken de standaard. In de Randstad is de standaard twee-keer-vier rijstroken.
In het regeerakkoord is verder afgesproken meer te investeren in spoorlijnen en wegen, oplopend van 100 miljoen euro tot structureel 500 miljoen euro vanaf 2015.
Openbaar vervoer
Ook bij het openbaar vervoer ligt de focus op de reiziger in de dichtbevolkte gebieden, waar de meeste knelpunten liggen en waar de grootste groeikansen aanwezig zijn. Het ministerie investeert 4,4 miljard euro in het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer, bekend staat als ‘reizen zonder spoorboekje’. Op de drukste trajecten gedurende de werkdag rijden in 2020 zes intercity’s en zes sprinters per uur.
Beter benutten
Naast investeringen in de infrastructuur zet het ministerie in op betere benutting van het wegen- en spoornet. Meer rijstroken helpen, maar is niet genoeg om alle groei op te vangen, aldus de toelichting op de begroting.Efficiënter omgaan met het (vaar)wegen- en spoornetwerk is van essentieel belang. Technische innovaties spelen daarbij een belangrijke rol. Maar ook afspraken met werkgevers over mobiliteitsmanagement moeten leiden tot een betere doorstroming.
Tot en met 2023 wordt voor het programma Beter Benutten 794 miljoen euro uitgetrokken, waarvan 544 miljoen euro tot en met 2020. Het programma heeft voor de weg als doelstelling in gebieden waar de meeste spitsdruk op de weg optreedt circa 25 000 voertuigen per dag in de spits te reduceren; hierdoor worden de files op trajecten waar deze spitsproblematiek zich voordoet met 20 tot 30% verminderd.
Harder rijden
In 2011 is op acht trajecten bij wijze van experiment de maximumsnelheid (dynamisch) verhoogd naar 130 kilometer per uur. In het najaar van 2011 laat het ministerie weten hoe dat heeft uitgepakt en waar en wanneer we maximumsnelheden elders verhogen. De bedoeling is dat gedurende deze kabinetsperiode op ten minste een derde van de autosnelwegen de snelheid naar 130 km/uur wordt verhoogd. In 2012 wil het kabinet de snelheidsverhoging op de acht proeftrajecten definitief maken en ook elders toepassen.
Tags: mainports, ministerie, mobiliteit, overheid
2 Reacties
LS
Klinkt te mooi om waar te zijn. Dat is ook zo.
- Bedrijfsleven claimt 1 miljard per jaar schade door files
Hoe lossen we dat op ?
- Overheid investeert 5 miljard per jaar om te bestrijden (zie begroting overheid)
- straks betalen en bepalen bedrijven hoe en waar geasfalteert moet worden
- 100.000 Burgers leveren levensjaren in door smog en lawaai.
Wie wil factor 5 verlies maken op activiteiten die ook nog dood en verderft zaaien ?
Lang leve de vooruitgang ?


http://www.evo.nl/site/kabinet-kiest-voor-logistiek-ondanks-forse-bezuinigingen
Ook EVO maakte een analyse:
EVO en TLN zijn verheugd te zien in de Miljoenennota dat de financiering voor belangrijke investeringen voor onderhoud en aanleg van infrastructuur op peil blijft. Ook zijn de organisaties positief over de voorgenomen vermindering van regeldruk en administratieve lasten.
De organisaties maken zich echter zorgen over mogelijk hogere lasten door de voorgenomen afschaffing van het eurovignet. Die hogere lasten komen voor rekening van Nederlandse bedrijven in het internationaal wegvervoer en bedrijven die nu slechts af en toe gebruik maken van het eurovignet.
Robuust infrastructuurnetwerk
Goede doorstroming op de wegen is essentieel voor economische en sociale ontwikkeling, stellen de verladers- en vervoersorganisaties. Het kabinet erkent dit belang door te kiezen voor de ontwikkeling van een robuust infrastructuurnetwerk dat de economische zwaartepunten van Nederland (internationaal) ontsluit.
Marktpartijen betrekken bij financiering
De knelpunten die het kabinet daarvoor met voorrang wil aanpakken, komen grotendeels overeen met de wensen van TLN en EVO. Het blijft nog wel onduidelijk wanneer belangrijke projecten als de A4-Zuid bij Spijkenisse, de Nieuwe Westelijke Oeververbinding bij Rotterdam en de verbinding van de A13 en A16 kunnen worden gerealiseerd. Essentieel voor deze projecten is dat het kabinet snel komt met concrete stappen om marktpartijen te betrekken bij de financiering. EVO en TLN maken zich zorgen over de terughoudendheid van decentrale overheden bij private voorfinanciering van wegprojecten op het onderliggend wegennet.
Systeemtoezicht
EVO en TLN juichen de ambitie van het kabinet om de regeldruk en administratieve lasten met 10 procent te verminderen toe. Het verminderen van de inspectiedruk door het samenvoegen van inspecties, systeemtoezicht, handhavingsconvenanten en minder inspecties bij goed presterende bedrijven zijn hiervan voorbeelden.
Vereenvoudiging douaneprocessen
Ook zien de logistieke belangenbehartigers kansen in de vereenvoudiging van douaneprocessen en het robuuster maken van de automatisering van de douane.
Bovendien zet het kabinet sterk in op innovatie en kennisontwikkeling met speciale aandacht voor het mkb. Bedrijven die sterker dan ooit samen met onderwijs en onderzoek werken aan nieuwe en duurzame logistieke oplossingen, verbeteren de internationale concurrentiepositie van Nederland.
Afschaffing eurovignet: mogelijk hogere lasten
TLN en EVO zien de voorgenomen afschaffing van het eurovignet als een goede maatregel om de administratieve lasten verder te verlagen. De organisaties zien de voorgenomen stijging van de mrb niet als lastenneutraal. Bedrijven die een gering aantal kilometers rijden, worden namelijk onevenredig hard getroffen in het voornemen van het kabinet. TLN en EVO vinden dat deze bedrijven moeten worden gecompenseerd. Ook worden internationaal opererende Nederlandse wegvervoerders benadeeld, als de andere verdragspartners van het eurovignet, waaronder België, het verdrag niet opzeggen. Nederlandse vervoerders die deze landen aandoen moeten alsnog een eurovignet aanschaffen en worden zo dubbel belast. Beide effecten zijn voor EVO en TLN onacceptabel.