Duurzame stadslogistiek: welke onderzoeksvragen zijn er nog?

In 2019 kwam het Klimaatakkoord. Van de CO2-uitstoot in wegtransport is een derde gerelateerd aan stadslogistiek. In 2025 moeten 30 tot 40 gemeenten een binnenstedelijke zero emissie zone voor stadslogistiek hebben. Op termijn moeten alle stadslogistieke voertuigen zero emissie zijn.

Voor ondernemers die in de binnenstad komen is de uitdaging niet alleen om de stap te maken naar schone stadslogistiek, maar ook naar slimme en veilige stadslogistiek; minder voertuigbewegingen. Lopen, fietsen en openbaar vervoer krijgen hier voorrang. Om dit voor elkaar te krijgen zijn er nog wel de nodige praktijkonderzoeksvragen.


Blokkades

Er zijn meerdere redenen voor het achterblijven van schone stadslogistiek: voertuigen niet voldoende beschikbaar, nog niet betaalbaar en nog onvoldoende betrouwbaar. Horizontale samenwerking tussen bedrijven bij stadslogistiek komt moeizaam op gang. Veruit het meeste vervoer is nog eigen vervoer. De overgang naar elektrische stadslogistiek is voor bedrijven een goed moment om de stadslogistiek slimmer in te richten.

Ook de overheid heeft een actieve rol bij de invoering van zero emissie stadslogistiek met regulering, stimulering, facilitering, verkeersmanagement en niet in de laatste plaats het doen van experimenten.

Het Ministerie IenW wil vanaf 2023 vanuit de netto-opbrengsten van de Vrachtwagenheffing het optimaliseren van logistieke ketens ondersteunen gericht op een reductie van het aantal vrachtkilometers en de CO2-uitstoot. Wat zijn de mogelijke thema’s bij duurzame stadslogistiek?

 

Slimme stadslogistieke concepten: stadslogistiek vraagt om nieuwe logistieke concepten op basis van zogenoemde ‘Physical Internet’ principes; bundelen via hubs, uitwisselen van lading, delen van capaciteiten, local-for-local distributienetwerken (zoals LaLa Move en GoGo Van, lokale productienetwerken (urban farming, 3D printing, light industry 4.0), crowd shipping, containerisatie in de keten en delen van data (Open Trip Model, Ishare, inzet van artificial intelligence en machine learning). Met open data kunnen lokale overheden hun tactische en strategische verkeersmanagement verbeteren.

Slim voertuigen kiezen: de vraag is vervolgens wat het passende voertuig is. Wat wordt het stadslogistieke voertuigconcept van de toekomst? Welke nieuwe mobiliteit komt beschikbaar (nieuwe LEV voertuigen, 7,5 GVW tons voertuigen of zelf rijdende robots)? Welke kansen biedt vervoer over water en tram voor bijvoorbeeld afval, bouw en horeca? Is er synergie met openbaar vervoer netwerken? Het ontwikkelen van een passend voertuigenaanbod is nodig (incl. zero emissie koeling, kranen en stadstrailers). Ook een vraag is wat de inzet van waterstof kan betekenen voor met name zwaardere voertuigen.

Slim plannen: met een korte actieradius en lange oplaadtijd is een andere transportplanning nodig. De elektrische voertuigen zijn uitgerust met boordcomputers die de voertuigprestaties, de locatie, de accu en de rijstijl van de chauffeur monitoren. Samen met actuele verkeersinformatie kan een passende planning worden gemaakt voor de betrouwbare inzet van het voertuig. De huidige transport management systemen (TMS) zijn echter ongeschikt; ze houden geen rekening met actieradius, laden van de batterij en kunnen niet dynamisch planning plannen. Bedrijven moeten hun data over CO2 gestandaardiseerd kunnen rapporteren (zoals het Big Mile platform). Een interessante vraag is hoe bedrijven de ontvangers aan het stuur kunnen zetten van een efficiënte planning.

Slim rijden: De rijstijl van de chauffeur en de routekeuze bepalen de actieradius in de praktijk. Gamificatie biedt mogelijkheden voor beïnvloeden van rijgedrag; ‘train as you fight’. Samen met BOVAG, TLN en Evofenedex en aanbieders is uitwerking van de monitoring van elektrische voertuigen (lessons learned over rijgedrag, energiegebruik en onderhoud) en trainen en stimuleren van slim rijden en plannen nodig.

Slim laden: voor bedrijventerreinen waar veel voertuigen moeten kunnen laden, is een visie nodig op slimme energieopwekking en –distributie; ‘vehicle-to-building-to-grid’, smart charging en smart balancing. Beschikbaarheid van stroom wordt een vestigingsplaatscriterium maar ook eigen energieopslag (vanuit zon of wind) wordt onderdeel bij het ontwikkelen van logistiek vastgoed Voor de aanbieders liggen hier kansen om energiediensten aan te bieden. Echter, de initiële investeringen zijn hoog. Het ontwikkelen van laadinfrastructuur vergt investeringen in publiek-private samenwerking; het juiste aanbod, op de juiste plaats.

Slim inkopen: diesel is bij elke pomp te koop voor eenzelfde prijs per liter. Bij stroom is dat anders. Er ontstaat direct een tweedeling; opladen op het eigen terrein en/of bijladen aan een commerciële paal. De prijzen aan de paal lopen sterk uiteen. Dan is elektriciteit al snel duurder dan diesel. Het ontwikkelen van energie-aanbod voor fleet managers vergt publiek-private samenwerking en mogelijk zelfs nieuwe regulering op de energiemarkt.

Slim reguleren: bij zero-emissie stadslogistiek speelt de lokale overheid een rol bij intelligent toegangsbeheer; wie mag er wel of niet de stad in? Privileges kunnen ondernemers over de drempel helpen met vrijstelling van venstertijden, gebruik van busbanen en toegang tot zero-emissie laad- en losplekken; intelligent access. Verkeersmanagementsystemen kunnen de reguliere en digitale handhaving ondersteunen. De publieke investeringen hierin zijn aanzienlijk, waarbij de lusten vooral voor de transporteurs zijn.

Slim financieren: de initiële investering in (zwaardere) elektrische voertuigen is mogelijk tot 2035 een obstakel. Met de bancaire spelregels kunnen banken, en leasemaatschappijen, de noodzakelijke balansverlenging niet onbeperkt financieren. De onzekere business case vanwege de fors extra initiële investering en onzekerheid omtrent de TCO (total cost of ownership) is de belangrijkste bottleneck. Zeker transportbedrijven hebben het niet zo breed. De Rabobank adviseerde ‘negatief’ in september 2019.
De investeringssommen voor de gehele elektrische modaliteit (vrachtwagen, accupakket en laadinfra) moeten voorspelbaarder en lager worden, waar voor de TCO de economische levensduur van met name van de accu, de aansluiting op elektriciteitsnetwerken en de nog onbekende energieheffingen issues zijn. Transporteurs zullen regelmatig ‘neen’ op hun financieringsvraag krijgen aangezien het bedrijfseconomische risico door ketenpartijen onevenredig groot bij hen wordt gelegd. Cofinanciering (overheidsfonds, venture capital, bankfinanciering) kan in combinatie met lange contracten tussen verladers en vervoerders uitkomst bieden. Mogelijk kan de overheid een ‘eigen vermogensfonds’ of garantstellingsregeling instellen met de inkomsten van de vrachtwagenheffing. Zo’n fonds is in de periode van 2025 tot 2035 nodig, maar kan ook de duurzame transitie al vanaf 2020 een boost geven. Maar denk ook aan Product as a Service financieringsconstructies, bijvoorbeeld op de accupakketten. Financieringen van elektrische vrachtwagens zullen de bestaande financieringstermijnen flink oprekken.

Life extension van oudere Euro 6 vrachtwagens is ook een thema voor onderzoek. Met duurdere elektrische voertuigen wordt de economische levensduur van de oudere, schone Euro 6 vrachtwagens langer. Langer met vrachtwagens rijden is duurzamer en helpt mogelijk bij de aanpak van de financieringsvraag.

Als laatste hebben bestaande vrachtwagens een transparante toekomstige waarde waarbij de markt voor gebruikte vrachtwagens omvangrijk is. Voor ZE vrachtwagens en de nieuwe LEV bestelwagens is deze nog ongewis en vooralsnog in de TCO berekening nihil. Monitoring van de markt is nodig.

Hoe kan de geplande vrachtwagenheffing verduurzamen stadslogistiek ondersteunen?

Het Ministerie IenW wil vanaf 2023 vanuit de netto-opbrengsten van de Vrachtwagenheffing het optimaliseren van logistieke ketens ondersteunen gericht op een reductie van het aantal vrachtkilometers en de CO2-uitstoot. 

De gelden van de vrachtwagenheffing kunnen op twee manieren worden ingezet: als eenmalige ondersteuning (daarna is het geld op) of als ondersteuning bij publieke private samenwerking die later weer terugkomt in waardecreatie (het geld komt deels weer beschikbaar voor volgende initiatieven voor verduurzaming).

Voor de periode 2025-2035 zijn er de volgende mogelijkheden:

Eenmalige ondersteuning

  • Ondersteunen ontwikkeling stadslogistieke concepten op basis van ‘physical internet’ principes; hubs, containerisatie, data delen, AI, machine learning
  • Subsidie (aankoopsubsidie) voor voertuigen (en voertuig gerelateerde systemen als koeling en hijssystemen en stadstrailers), energie opslag en laadinfrastructuur.
  • Garantieregeling bij cofinanciering
  • Subsidie op training chauffeurs
  • Subsidie voor ontwikkeling snel-laden voor vrachtwagens en aansluiting op netwerken.
  • Subsidie voor investeringen in nieuwe bedrijfsvoering (bijvoorbeeld TMS-systemen en systemen voor monitoren en rapporteren CO2 en andere uitstoot)
  • Onderzoeken van vervoer over water en openbaar vervoer netwerken in steden
  • Investeren in ‘open trip’ modellen voor data delen (voor bundeling en multimodale stromen)
  • Monitoren voertuigen en energievraag en kennisontwikkeling op basis van die monitoringdata (en ondersteunen van regionale kenniskringen samen met BOVAG, TLN, Evofenedex en aanbieders van energiediensten)
  • Invoeren intelligent access in steden (en passend incentives en adaptieve beprijzing)
  • Kennisontwikkeling bij CROW om gemeenten te ondersteunen
  • Onderzoeken en monitoren marktwerking energiemarkt voor zero emissie stadslogistiek
  • Uitwerken plannen voor synergie met ander zwaar verkeer zoals openbaar vervoer
  • Onderzoeken ‘life extension’ van Euro 6 vrachtwagens
  • Data verzameling door CBS.

 

Ondersteuning bij publiek private financiering (waardecreatie)

  • Ontwikkelen laadinfra-as-a-service (denk ook aan openstellen van bestaande laadinfra aan derde partijen)
  • Ontwikkelen EV-ready transport management systemen
  • Ontwikkelen commerciële diensten op basis van ITS en intelligent access
  • Ontwikkelen systemen voor monitoren rijgedrag en energiegebruik
  • Financieringsinstrumenten; bijvoorbeeld garantiefonds
  • Ontwikkelen publieke private stadslogistieke hubs en microhubs voor specifieke stromen
  • Ontwikkelen open data platforms om ‘Physical Internet’ te ondersteunen
  • Onderzoek en ontwikkeling nieuwe voertuigen (ook waterstof), trailers, koeling, hijssystemen en laadsystemen door OEM’s.

 

Walther Ploos van Amstel

Lector Citylogistiek Hogeschool van Amsterdam

 

Bronnen

 

European Automobile Manufacturers’ Association (2018), Position paper: European Commission proposal on CO2 standards for new heavy-duty vehicles, ACEA

 

European Automobile Manufacturers’ Association (2019), Making the transition to zero emission mobility 2019 progress report, ACEA

 

Alice (2019), Roadmap towards Zero Emissions Logistics 2050, Alice

 

BOVAG (2019), Het effect van elektrisch aangedreven trucks en bussen op het aftersales businessmodel, BOVAG /VMS Insight

 

European Climate Foundation (ECF, 2018), Trucking into a greener future, ECF

 

ICCT (2017), Transition to zero emission heavy duty freight vehicles, ICCT

 

International Energy Agency (IEA, 2017), The future of trucking, IEA

 

ING Bank (2019), Tijdperk van zero emissie breekt aan voor trucks, ING Bank

 

IRU (2017), Commercial vehicle of the future, IRU

 

IRU (2018), The future of transport, IRU

 

International Transport Forum / OECD (ITF, 2018), Towards road freight decarbonisation – trends, measure and policies, ITF

 

McKinnon, A. (2018). Decarbonizing logistics: distributing goods in a low carbon world. Kogan Page Publishers.

 

McKinsey (2015), Pathway to value Creation, Mc Kinsey

 

McKinsey (2017), new reality electric trucks and their implications on energy demand, McKinsey Energy Insights

 

McKinsey (2018), Parcel delivery: the future of last mile, McKinsey

McKinsey (2018), Technology delivered: Implications for cost, customers, and competition in the last-mile ecosystem,, McKinsey

Ronald Berger (2019), Trends in the truck and trailer market, Ronald Berger Consultancy

 

Topsector Logistiek (2017), Annual Outlook Citylogistics, Connekt Delft

 

Topsector Logistiek (2019), Laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen in stadslogistieke, Connekt Delft

 

Transport Decarbonisation Alliance (2019), Zero emission urban freight, TDA

 

TRANSFORuM EU project (2014), Long distance freight roadmap, Transforum

 

TRANSFORuM EU project (2014), Roadmap on clean urban mobility, Transforum

 

World Economic Forum (2019), Future of the last mile eco-system, WEF (in draft)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *